Energiebronnen

Elektriciteit
Wereldwijd wordt verreweg de meeste elektriciteit geproduceerd uit fossiele brandstoffen als kolen, olie en gas. De voorraden van deze grondstoffen zijn eindig en het productieproces leidt tot schade aan het milieu. Het belangrijkste probleem is het broeikaseffect, veroorzaakt door de uitstoot van het verbrandingsproduct CO2, kooldioxide. Andere vervuilende emissies die vrijkomen bij productie van elektriciteit uit fossiele bronnen zijn zwaveldioxide (SO2) en stikstofoxide (NOx), die zure regen veroorzaken.

Ook kernenergie maakt gebruik van een eindige voorraad uranium, het afval is zeer schadelijk voor het milieu. Het opgewekte vermogen aan kernenergie zal in de komende jaren waarschijnlijk nog licht stijgen. Daarna zal het afnemen, aangezien er minder nieuwe reactoren worden gebouwd en er versnelde sluiting van oudere, economisch minder rendabele reactoren plaatsvindt.

Energie uit fossiele brandstoffen en kernenergie is in de volksmond bekend als grijze of 'gewone' energie. Groene energiebronnen maken gebruik van door de zon aangedreven kringlopen. Waterkracht, zonne- en windenergie veroorzaken geen directe CO2-uitstoot. Bij de productie van biomassa wordt door de planten CO2 opgenomen die bij de verbranding of vergassing weer vrijkomen. Effectief wordt er dus geen CO2 aan de atmosfeer toegevoegd, wat wel gebeurt bij de productie door het verbranden van fossiele brandstoffen. Groene energie is onuitputtelijk en wordt daarom duurzaam genoemd.
Overigens krijgt u altijd stroom uit hetzelfde elektriciteitsnet, waarbij geen onderscheid gemaakt wordt tussen grijze of groene stroom. Dit zou ook niet kunnen, omdat dan het hele elektriciteitsnet losgekoppeld zou moeten worden. Echter, door voor een leverancier van groene energie te kiezen, kunt u de ontwikkeling van groene energie stimuleren en zo het gebruik van de meer schadelijke grijze energie minimaliseren.

Dat u werkelijk groene stroom krijgt geleverd, wordt gewaarborgd door middel van een zogeheten Garantie van Oorsprong. Deze garantie is een soort document, dat eenmalig wordt aangemaakt op het moment dat er duurzame energie via een windmolen, zonnepaneel of biomassa-centrale wordt gemaakt. Hierna wordt het document weer vernietigd, dus maar eenmalig gebruikt, zodat u de garantie krijgt dat met uw geld speciaal duurzame energie is opgewekt.

Energiebronnen
De varianten van grijze en groene energie hebben te maken met de herkomst en met de soort energiebron bron. Voor grijze energie zijn de bronnen kolen, olie en gas. Groene energie kan worden opgewekt uit wind, zon, biomassa en water.

De duurzaamheid van de producten wordt door Energieprijzen.nl in een sterrenwaardering uitgedrukt. Deze waardering is gebaseerd op een opgave van de leverancier, waarbij Energieprijzen.nl deze opgave controleert. Meer uitleg over deze sterrenwaardering vindt u op deze pagina.

De prijs van energie kan enorm verschillen voor verschillende bronnen en voor bronnen met een andere herkomst. In de Energiewizard ziet u welke voordelen er zijn en kunt u door middel van een overstap van deze voordelen genieten.

Soorten groene stroom

Windenergie
De eerste windmolens die in Nederland gebouwd werden, hadden een vermogen van rond de 40 kilowatt (kW). Inmiddels is 2 MW (oftewel 2 000 kW, ofwel 2 000 000 W) gangbaar en heet een moderne windmolen 'windturbine'. De wieken heten 'rotorbladen', windturbines kunnen drie, twee of zelfs maar één rotorblad hebben, die wel 30 tot 50 meter lang kunnen zijn. Hoe meer bladen en hoe langer de bladen zijn, hoe groter de energieopbrengst.

Een windturbine van 2 MW, het vermogen van een standaard windturbine, levert 4 miljoen kWh per jaar en kan daarmee twaalfhonderd huishoudens van stroom voorzien. In Nederland staat 1750 MW vermogen opgesteld en dus wordt ongeveer 3% van de totale Nederlandse elektriciteitsproductie uit windenergie geproduceerd.

In de Nederlandse Noordzee staan nu twee windmolenparken met een totaal vermogen van 230 MW. In 2020 moet dit zijn uitgegroeid naar een totaal vermogen van 6.000 MW, dit betekent dat er rond de 2.000 windturbines moeten worden gerealiseerd. Daarmee kunnen 3,6 miljoen huishoudens van stroom worden voorzien.

Wereldwijd (en ook in Nederland) groeit de hoeveelheid windstroom met 25% per jaar. Windenergie is de laatste jaren de snelst groeiende energiebron ter wereld. Wereldwijd staat inmiddels ongeveer 55.000 MW opgesteld.

Zonne-energie
De energie in het licht van de zon kan worden gebruikt om elektriciteit mee op te wekken. Het zonlicht wordt dan opgevangen door zonnecellen en omgezet in elektriciteit. Deze omzetting heet een 'fotovoltaïsch' proces. 'Foto' duidt op licht en 'volt' op de elektrische spanning waarin het licht wordt omgezet. Het Engelse woord hiervoor is 'photovoltaic' en daarom wordt zonne-energie voor het opwekken van elektriciteit ook vaak aangeduid met 'pv'.

Zonnecellen worden samengevoegd in zonnepanelen. Zonnepanelen kunnen op daken van huizen of bedrijven worden geplaatst en aangesloten worden op het elektriciteitsnet. Zonnepanelen kunnen ook los gebruikt worden, bijvoorbeeld om water in een drinkbak te pompen in een weiland, of voor de elektriciteitsvoorziening op een boot.

Ook op bewolkte dagen leveren zonnepanelen elektriciteit. Maar… hoe meer zonlicht op een zonnepaneel valt, des te meer elektriciteit wordt opgewekt. Bij volle zon is de stralingsdichtheid van de zon ongeveer 1 kilowatt (kW) per vierkante meter. Het totale jaarlijkse zonaanbod in Nederland komt overeen met bijna duizend uur volle zon, en levert dus circa duizend kilowattuur per vierkante meter.

De meest gangbare typen zonnepanelen hebben een oppervlak van ongeveer 1 vierkante meter en een piekvermogen van 130 Wattpiek (Wp). De effectieve opbrengst van zo'n paneel is ongeveer 110 kWh per jaar. Om een gemiddeld huishouden in Nederland van elektriciteit te voorzien is ongeveer 30 m2 aan zonnepanelen nodig.

Waterkracht
Hoogteverschillen in waterniveaus kunnen worden benut om elektriciteit te produceren. Dit wordt waterkracht genoemd. Waterkracht wordt geproduceerd op verschillende schalen.

De meest bekende vorm is grootschalige waterkracht. Door een dam te bouwen in een rivier wordt een waterreservoir gevormd, waarin een grote hoeveelheid potentiële energie wordt opgeslagen. Deze potentiële energie wordt omgezet in elektriciteit door turbines die worden ingebouwd in de voet van de dam. Zulke centrales kunnen zeer grote hoeveelheden (bijvoorbeeld honderden megawatt) elektrisch vermogen leveren.

Een nadeel van grootschalige waterkracht is het feit dat grote gebieden onder water gezet worden. Daardoor moeten soms hele dorpen verplaatst worden, kan er schade aan het ecosysteem ontstaan of is aantasting van het landschap het gevolg.

Kleinschalige waterkracht wordt al toegepast in vele landen. Dit gebeurt vaak in de vorm van stromingscentrales: er wordt geen reservoir gevormd, maar het beschikbare water wordt direct gebruikt. Het vermogen van dergelijke centrales ligt doorgaans tussen 100 kilowatt en enkele tientallen megawatt.

Waterkracht is op dit moment de belangrijkste duurzame energiebron in Europa; bijna 20% van de elektriciteit wordt met waterkracht geproduceerd. Noorwegen is bijvoorbeeld geheel afhankelijk van waterkracht voor zijn elektriciteitsproductie. Andere landen in Europa waar waterkracht een belangrijke rol speelt zijn Frankrijk, Italië, Oostenrijk, Spanje, Zweden en Zwitserland.

Biomassa
Biomassa is organisch materiaal, afkomstig van planten, bomen of dierlijke mest. Net als olie, kolen en gas kan biomassa worden omgezet in warmte en elektriciteit. In tegenstelling tot deze fossiele brandstoffen halen planten en bomen door groei en nieuwe aanplant evenveel CO2 uit de lucht als er bij verbranding weer vrijkomt. Daarom wordt biomassa een hernieuwbare energiebron genoemd.

Er zijn vijf bronnen voor biomassa brandstoffen: houtafval uit de bosbouw, plantaardig afval uit de landbouw zoals stro, plantaardig afval uit de landbouwverwerkende industrie,  energiegewassen die speciaal worden geteeld voor het gebruik als brandstof en biomassa uit afval. Deze brandstoffen kunnen worden gebruikt om elektriciteit op te wekken in een warmte/krachtinstallatie (WKK) of worden bijgemengd in een elektriciteitscentrale.

Warmtekrachtkoppeling (WKK)
Bij warmte/krachtkoppeling (WKK) wordt tegelijkertijd elektriciteit (kracht) en nuttige warmte geproduceerd. Dit in tegenstelling tot de conventionele elektriciteitsproductie, waarbij de warmte met het koelwater wordt weggegooid. Met een WKK installatie kan warmte en elektriciteit worden geproduceerd door het verbranden van aardgas of  biogas.  Energie opgewekt uit WKK is dus niet per definitie groen of grijs, dit hangt af van de brandstof waarmee wordt gewerkt.

De geproduceerde warmte kan worden gebruikt om heet water te maken voor stadsverwarming. In de industrie gebruikt men de warmte vaak in het productieproces. Met warmte/krachtkoppeling wordt dus efficiënter omgegaan met energie. De besparing op energie kan oplopen tot wel 20 tot 30% in vergelijking met de situatie waarbij elektriciteit en warmte apart worden geproduceerd. De productie van elektriciteit uit warmte/kracht draagt dus bij aan de vermindering van de uitstoot van kooldioxide.

Gas
Alle gas op het Nederlandse gasnet is afkomstig van aardgas. Er wordt hard gewerkt om ook gas geproduceerd uit biomassa te injecteren in het gasnet, momenteel kan dit alleen op kleine schaal. Er wordt al wel groen gas door leveranciers verkocht; dit gas bestaat uit aardgas, maar de CO2 emissies worden gecompenseerd met bijvoorbeeld aanplanting en beheer van bossen of CO2 reductie projecten.

Ook de duurzaamheid van de gasproducten wordt door Energieprijzen.nl in een sterrenwaardering uitgedrukt. Deze waardering is gebaseerd op een opgave van de leverancier, waarbij Energieprijzen.nl deze opgave controleert. Meer uitleg over deze sterrenwaardering vindt u op deze pagina.